Copingmechanismen in verband met seksuele gezondheid bij Moslimmeisjes: een explorerend onderzoek | Onderzoek

Dit kwalitatief onderzoek uit 2004 gaat dieper in op aspecten van seksualiteitsbeleving en seksuele gezondheid bij moslimmeisjes tussen 16 en 24 jaar.

Hoe staan ze tegenover het huwelijk, hoe vinden ze een partner, hoe gaan ze om met experimenteren op seksueel gebied, hoe ‘heilig’ is het maagdelijkheidprincipe voor het huwelijk, hoe verkrijgen ze hun kennis over seksuele gezondheid (anticonceptie, veilig vrijgedrag, risicogedrag), hoe staan ze tegenover homoseksualiteit? Wat verwachten ze van hulpverleners?

In dit onderzoek is ook aandacht voor verschuivingen ten opzichte van een onderzoek uitgevoerd in 1997, door dezelfde onderzoeker[1]

Belangrijkste conclusies

  • Maagdelijkheid: Waar in 1997 de meeste meisjes aangaven zich strikt aan de maagdelijkheidnorm te houden omwille van religieuze redenen en omwille van hun ouders, geven de in 2004 geïnterviewde meisjes aan dat maagdelijkheid voor het huwelijk hun eigen vrijwillige keuze is. Er wordt ook meer openlijk toegegeven dat er wel seksueel contact is, zij het dan zonder penetratie. Het maagdelijkheidattest schijnt in 2004 niet meer algemeen gevraagd te worden.
  • SOA en HIV: Slechts enkele meisjes geven aan dat het ook mogelijk is om zwanger te worden of een SOA op te lopen, zonder dat er penetratie plaats heeft. Opvallend is dat de geïnterviewde  meisjes zich bewust zijn van de noodzaak om over SOA en HIV geïnformeerd te zijn.
  • Anticonceptie: In 1997 werd vooral het gebrek aan kennis in verband met anticonceptie naar voren gebracht. In de interviews voor het  onderzoek van 2004 komt naar voor dat anticonceptie algemeen wel gekend is en een gespreksonderwerp is.
  • Abortus: Er is nog steeds de radicale afwijzing van abortus. Maar er worden omstandigheden aangehaald waarin abortus toch zou te overwegen zijn, zoals wanneer als het meisje te jong is of als de relatie slecht is. Meisjes die kiezen voor een abortus, worden  wél ondersteund door hun vriendinnen.
  • Homoseksualiteit: De meisjes uit de interviews van 2004 staan “algemeen” toleranter tegenover homoseksualiteit dan die van  het onderzoek uit 1997, hoewel het verboden zou zijn in de islam. Toch hebben de onderzoekers de indruk dat deze houding vooral geldt als het om “een ver van mijn bed- situatie” gaat. Ook wordt aangehaald dat homoseksualiteit in de moslimgemeenschap  helemaal niet aanvaard wordt.
  • Huwelijk en partnerkeuze: Hier zijn de visies niet erg geëvolueerd sinds 1997, zij het dat er in de interviews enorm de nadruk werd gelegd op het belang van studeren en jezelf ontwikkelen alvorens te huwen. Dezelfde tendensen bleven: je partner zelf kiezen en op voorhand leren kennen, zonder conflicten met de ouders, afkeuren van gedwongen huwelijken.

Aanbevelingen voor de praktijk

  • Informatie verstrekken: Er is grote nood aan correcte informatie in verband met seksualiteit, seksuele gezondheid, relatievorming, partnerkeuze e.d. Minimale kennis van de moslimcultuur en aanvoelen van de spanningsvelden is een vereiste voor efficiënte informatieoverdracht.
  • Naar welke arts: Artsen moeten oog hebben voor de specifieke elementen binnen de moslimcultuur omtrent seksuele gezondheid. Het geslacht van de arts speelt niet zo’n groot belang, tenzij dan voor een gynaecologisch onderzoek. Dan  wordt wel de voorkeur gegeven aan een vrouwelijke arts.
  • Beroepsgeheim: Het is aangewezen om het beroepsgeheim te expliciteren ten opzichte van moslimmeisjes.
  • Psycholoog: Er is nood aan psychologische hulpverlening, zeker wanneer het gaat over seksuele gezondheidsproblematiek. Ook hier geldt: iemand die de cultuur aanvoelt en een minimale kennis ervan heeft, iemand zonder vooroordelen, zonder oogkleppen en met een open visie.
  • Jongens en meisjes: Ook moslimjongens moeten worden geïnformeerd overseksualiteit, relatievorming en seksuele gezondheid.
  • Prijs: De prijs van een raadpleging bij de arts of in een centrum, de prijs van anticonceptiemiddelen,condooms, een abortus, zijn drempels die het zoeken van hulp bij seksuele gezondheidsproblematiek sterk beïnvloeden.

Wie voerde het uit?

 Dr. Kristin Hendrickx, in samenwerking met geneeskundestudenten Ellen Van Turnhout en Isabelle Maurissen.

Lezen?

Klik hier en download Copingmechanismen in verband met seksuele gezondheid bij moslimmeisjes.

[1] Hendrickx, K., Lodewijckx, E., Alleen al de angst om de pil te vergeten maakt mij ziek. Een kwalitatief onderzoek bij Marokkaanse vrouwen (1997)